Ik heb last van spoken. En dan niet de vriendelijke Caspers in deze wereld. Zelfs niet de boehoe exemplaren onder je bed of in je kast. Nee, deze spoken zijn nog veel erger. Het zijn de spoken die ik zelf heb opgeroepen en die me soms belemmeren in mijn doen en laten…
Het zijn de spoken die me op de meest onmogelijke momenten vertellen dat ik ‘het toch niet kan en ook nooit zal kunnen’. Of de spoken die me vertellen dat ik alleen wordt gewaardeerd als alles perfect is. Of dat supervervelende spook dat me voorhoudt dat ik alles onder controle moet houden…
Spoken zitten je vaak in de weg. Ze draaien elk spontaan moment de nek om en weerhouden je van springen in het diepe. Niet dat ik dat nooit doe. Veelvuldig zelfs. Dan lukt het me om die spoken uit mijn hoofd te zetten. Onder het motto: ‘een-twee-drie in godsnaam’ doe ik ondoordachte dingen, duik ik spontaan in iets nieuws. Maar zeker weten dat de spoken er weer als de kippen bij zijn als het mis gaat. Als ik een flater sla, iets volledig in de soep loop, fluisteren ze mij pesterig in mijn oor: zie je wel, je kunt het niet. Houd nu maar op met proberen, want het lukt toch niet.
En op zulke momenten valt het niet mee om je oren voor die spoken te sluiten. Ook al weet je dat het grote onzin is en het negen van de tien keer wel goed gaat. Toch zijn die spoken niet alleen maar lastig, heb ik ontdekt. Want op bepaalde momenten zorgen ze er ook voor dat je bezint, voordat je begint en dat is niet per se verkeerd. Ze laten je nadenken, confronteren je ook met je grootste angsten. En dat biedt ruimte om ze aan te pakken.
Laatst zei iemand dat ze blij was met haar spoken. Want als zij weer een spook had overwonnen, dan voelde ze zich geweldig. Je weet pas dat je leeft, als je moeilijkheden hebt doorstaan, was haar mening. Je doet veel dingen zonder dat je er bij stil staat. Neemt zaken als vanzelfsprekend aan. Af en toe naar je spoken luisteren, al is het alleen om ze te onderkennen en jezelf ermee te confronteren, kan ook helend werken.
Op dit moment lees ik het boek ‘ Spoken bestaan’ van Suzanne Unck, wat mij betreft een echte aanrader. Het geeft me heel veel ‘oh ja’ momenten maar ook nieuwe inzichten. En ik heb besloten me niet meer te laten koeioneren door vervelende spoken. Ik pak het spook bij de horens en ga ze actief verjagen. En dus heb ik me bij mijn fotosessie niet laten inprenten door het fotospook dat ik altijd ‘lelijk op de foto sta’. En heb ik net de nieuwsbrief van Ditha Bonita (mijn nieuwe webwinkel, en ja ‘twijfelspook’ het wordt WEL een succes) de deur uitgedaan. Het is onmogelijk om te wachten tot iets perfecter dan perfect is. Gaat ook niet lukken, is ook niet erg.
En nee, ik hoef niet alle spoken te verjagen. Je hoeft ook weer niet het onmogelijke na te streven. En sommige spoken zijn best nuttig en houden je alert. Maar er zijn ook een paar spoken die ik met hand en tand zal bestrijden. Al moet ik er een nieuw spook voor in het leven roepen…
Tags: Dag-gedachte
Op weg naar een interview met, naar bleek, een geweldig inspirerende, full time werkende vrouw met drie kinderen, hoorde ik op de radio dat een volledige baan met veel stress even slecht voor een ongeboren baby is als roken tijdens de zwangerschap. Nogal een stevige bewering om giftige rook door de longen van je ongeboren kind blazen te vergelijken met hard werken.
Het is het zoveelste onderzoek, bedoeld om werkende (aanstaande) moeders weer op te zadelen met een schuldgevoel. In ons Calvinistische landje horen vrouwen als ze in verwachting zijn en in de jaren na de geboorte van hun kind, het liefst achter het aanrecht te blijven. Keurig thuis bij de kindertjes met als hoogtepunt op de dag lekker roddelen op de koffie met de andere thuisblijfmoeders. Begrijp me goed, daar is niets mis mee. Als je in je hart liever thuis blijft en jij je doodongelukkig voelt op je werk zonder je kind, doe vooral waar jij je het beste bij voelt.
Ik houd van werken. Of misschien moet ik zeggen, ik heb drie geweldige hobbies. En ik heb van die drie hobbies mijn beroep gemaakt onder het motto: als je van je hobby je beroep maakt, hoef je nooit meer te werken. Ik schrijf al sinds ik wist wat ik met een pen kon doen, ik ben dol op reizen en sinds kort heb ik ook van mijn derde passie, fashion, mijn beroep gemaakt. Ik prijs mezelf gelukkig. Dat geluk deel ik met mijn thuisfront en daar worden zij gelukkig van. Net zoals ik blij word van de dingen waar zij hun hart in leggen en die hen vleugels geven.
‘Uw zoon mag in zijn handjes knijpen met zo’n moeder’, zei de mentor van mijn oudste zoon gisteravond nog. Dat mag ik graag horen. Niet dat je het daarvoor doet, maar af en toe erkenning geeft altijd een lekker gevoel. Mijn wederhelft en ik hebben twee prachtige kinderen op de wereld gezet, die zijn opgegroeid tot evenwichtige en zelfstandige mensen. Bij mijn oudste heb ik tot de dag van de bevalling (drie dagen na de uitgerekende datum) gewerkt. Ik was toen al drie jaar zelfstandig ondernemer. In die tijd had je nog geen zwangerschapsuitkering voor zelfstandigen. Mijn oudste woog 8 pond. Het zelfde geldt voor mijn jongste die ik een week na de uitgerekende datum kreeg; hij woog 9 pond.
Stress is niet goed, dat is het nooit. Maar stress krijg je niet (alleen) door werken. In een lange rij voor de kassa in de supermarkt staan kan je bloeddruk omhoog brengen. Of die vervelende vrouw die voordringt bij de bakker. De buurvrouw die elke dag twee uur haar toonladders oefent terwijl ze niet kan zingen of voor mijn part je echtgenoot die het vertikt om de stofzuiger eens te pakken. En het is ook bijzonder ergerlijk om te horen dat er wederom een rolbevestigend onderzoek het nieuws weet te halen. Mijn voorstel zou dan ook zijn om (aanstaande) werkende moeders niet te confronteren met onzinverhalen over hoe slecht het is om full time te werken als je zwanger bent. Echt, dat levert alleen maar stress op. En dat kunnen we niet hebben tijdens onze zwangerschap…
Tags: Dag-gedachte
Ik ben nogal recht door zee. Gelukkig combineer ik dat met een redelijk gevoel voor diplomatie dus meestal gaat het goed in mijn omgang met mensen. Ik houd van ‘échte’ mensen. Die zeggen wat ze bedoelen en menen wat ze zeggen.
Waarom zeggen mensen zo vaak dat ze iets goed, lekker, prima vinden, terwijl je gewoon op je klompen aan voelt dat het niet zo is? Ik heb bijvoorbeeld liever dat een klant het mij zegt als hij of zij niet tevreden is, dan wanneer ontevreden de rekening wordt betaald en je hem of haar nooit meer terug ziet. Althans, dat lijkt me zo, want ik heb het gelukkig nog niet meegemaakt. Voor zover ik weet.
Op de een of andere manier voelen de meeste mensen aan, dat ze bij mij gewoon zichzelf kunnen zijn. Eerlijk, oprecht zeggen wat hen op het hart ligt. Dat is wat ik mijn kinderen van jongsafaan heb voorgehouden. Ik word nooit boos om je eerlijkheid. Maar voor liegen, ben ik allergisch. Ik weet graag wat ik aan iemand heb. Omdat ik zelf niet kan huichelen, voel ik me ongemakkelijk, als een ander dat doet.
Gisteren, donderdag 9 juli, had ik niet mijn beste dag. Ik was beroerd en voelde het gemis van mijn moeder opeens weer erg sterk. Toch ging ik ’s avonds naar de bijeenkomst van Female Factor.
Van de website:
FemaleFactor gelooft in de kracht van vrouwen en laat vrouwen geloven in hun kracht door hen te stimuleren hun talenten, ambities en mogelijkheden te ontdekken (discover it), te delen (share it), te laten zien (show it) en er van te genieten.
Nu ben ik altijd een beetje afwachtend in een groep met alleen maar vrouwen, vergeef me mijn vooroordeel, maar de sfeer was meteen goed. Prettig en open, mensen die je recht in de ogen keken en oprecht belangstelling voor de ander toonden.
Er waren drie spreeksters. Totaal verschillende vrouwen die één ding met elkaar gemeen hadden: hun passie voor datgene waar ze over vertelden. Zo leerde ik van Tessa een motto dat ik nooit meer zal vergeten: “Ontdek wie je bent en wees het dan expres”.
Anne-Marie sprak vervolgens vol vuur over mijn favoriete schrijfster: Jane Austen en Kyra ten slotte, deed me achter de oren krabben omtrent mijn huidige eetpatroon. Eet ik wel eerlijk en puur genoeg?
Na de presentaties was het tijd voor de maaltijd, die genoeglijk verliep. Aan het einde van de avond mocht je een papiertje geven aan een (of meerdere) vrouw(en) waarmee je had gesproken, met daarop geschreven hoe je haar had ervaren. In alle drukte en de uitloop van de avond vergaten de meeste vrouwen dat. Ik ook, moet ik tot mijn schaamte bekennen.
Maar ik had het genoegen, een papiertje te mogen ontvangen. Op het felroze, papieren klavertje stond geschreven hoe de dame in kwestie mij had ervaren: ‘Vrouwelijk, kwetsbaar, open en echt’. Ik vond het een prachtig compliment. Want hoe authentiek ik ook probeer te zijn, het is altijd fijn, als iemand je ook zo ervaart en het zegt. En opeens kreeg de dag die zo grijs begonnen was, voor mij een gouden randje.
Tags: Mijmeringen
Ik ben een doener. Natuurlijk denk ik wel na, maar denken en doen moeten bij voorkeur zo dicht mogelijk bij elkaar zitten. Als ik iets in mijn hoofd heb, dan wil ik er liefst gisteren mee beginnen. Dat heeft te maken met het feit dat ik het mooiste vak ter wereld heb: schrijven. Maar soms heb ik zo veel ideeën, dat ik gewoonweg niet weet, waar ik moet beginnen.
Zoals bijvoorbeeld bij het schrijven van mijn column. Het ene na het andere idee komt in me op. Zo had ik een column bedacht over mijn eerste Zondermoederdag. Wat eens de fijnste dag van het jaar was, de dag dat mijn moeder en ik ons schaamteloos lieten verwennen, was nu een zwarte bladzijde die ik liefst wilde overslaan. Maar alle reclames op radio en televisie herinnerde mij er genadeloos aan dat doomsday naderbij kwam, of ik het nu wilde of niet. De Moederdag, die ik voor het eerst zonder moeder moest doorbrengen. In mijn hoofd had ik mijn verhaal al helemaal af. Maar Zondermoederdag ging voorbij zonder dat ik mijn hoofd leegmaakte op mijn scherm.
In de tussentijd had ik al een ander onderwerp bedacht: ‘De kunst van het ‘nee’ zeggen. Ja zeggen is erg gemakkelijk, maar als je overal ‘ja’ tegen zegt, dan kom je op een gegeven moment tot de ontdekking dat 24 uur wel erg weinig is in een dag. Nee zeggen is het moeilijkste wat er is. Het is iets wat je moet leren. Ik dacht altijd heel stoer dat ik heel gemakkelijk ‘nee’ kon zeggen. Tot ik in een vragenlijst, bedoeld om mijn gedrag en drijfveren te meten, de vraag tegenkwam hoe goed ik was in ‘nee’ zeggen. Ik ging optellen waar ik allemaal ‘ja’ tegen had gezegd en dat was schrikbarend veel.
De afgelopen weken had ik een hoop veren ontvangen. Daar was ik natuurlijk erg trots op. Nu loop ik niet snel naast mijn schoenen maar ik was al wel een beetje aan het zweven. Dus had ik bedacht dat ik iets kon schrijven over de motiverende werking van schouderklopjes. En passant zou ik vertellen hoe veel veren ik mocht ontvangen de laatste tijd. Tot het ongezouten commentaar van een opdrachtgever mij vanaf mijn roze verenwolk keihard naar beneden deed tuimelen. Het was heel erg lang geleden dat iemand niet helemaal (helemaal niet) tevreden was geweest. Veren voelen zo heerlijk zacht. Maar commentaar, zeker als het terecht is, laat je wel groeien. Het werkt ontnuchterend en louterend. En je leert er verschrikkelijk veel van.
Het deed me denken aan het praatje van Jos Burgers, de Brabantse marketinggoeroe. Die zei dat je aan elke opdrachtgever eens moest vragen waar hij niet tevreden over was. Want dat waren de punten die jou de kans gaven jezelf te verbeteren. Geweldige man, die Burgers. Zou ik ook columns vol over kunnen schrijven. Eén anekdote wil ik je niet onthouden. Het gaat over de manager die aan hem vroeg waarom hij voor zijn bedrijf X wilde werken. Het antwoord van Burgers: ‘U heeft euro’s en die spaar ik.’ Onbetaalbaar. Ik heb van mijn hobby mijn beroep gemaakt zodat ik nooit meer hoef te werken. Dat neemt niet weg, dat ik geniet van het feit dat ik er goed voor word betaald.
Schrijven is een vak. Mijn vak. Een heerlijke bezigheid. En denken is goed. Maar niet te lang. Dat levert namelijk veel ideeën op, maar geen column…
Tags: Mijmeringen
Er zijn van die dagen dat je jezelf verschrikkelijk zielig vindt. Natuurlijk gebeuren er heel erge dingen in de wereld en is mijn ‘leed’ peanuts en gewoon pure aanstellerij. Maar soms heb je het gewoon even nodig om jezelf te wentelen in een grote poel van zelfmedelijden. En dan ga je dingen zoeken die je opvrolijken.
Vanochtend moest ik naar de tandarts. Nu is dat al niet mijn meest favoriete bezigheid maar vandaag is het een tikkeltje erger dan anders. De wortelkanaalbehandeling (PIJN PIJN) die ik anderhalve week ervoor had gehad, wordt afgemaakt. Het hoeft niet verdoofd te worden, er zitten immers geen zenuwen meer in deze ‘dode’ kies.
Dat denkt de tandarts dus. Want als hij in mijn kies gaat peuren, schiet ik tegen het plafond van de pijn. Natuurlijk ben ik een van die mensen die met meer zenuwen gezegend is, dan de gebruikelijke drie die er door de weekendtandarts keurig uit zijn gehaald. En zo komen toch weer die gemene spuiten tevoorschijn waarmee de tandarts mijn wang en tandvlees levenloos spuit. Ruim een uur moet ik allerlei nare behandelingen ondergaan. Mijn ogen houd ik stijf gesloten maar af en toe bereiken vieze geuren en nare geluiden mijn neus en oren. Ondertussen legt mijn tandbeul geduldig uit welke marteltechniek hij nu weer toepast. Hoe iemand vrijwillig het tandartsvak kiest, zal ik nooit begrijpen.
Als ik nadien weer half versuft buiten sta heb ik buitengewoon veel behoefte aan iets om me op te vrolijken. En het moet een geweldig iets zijn om deze ordeal te overtreffen. In mijn versufte hersencellen komt opeens een glorieus idee op. Ik ga mijn kersvers binnengekomen, spiksplinternieuwe auto bekijken. OK, ik kan hem vrijdag pas ophalen maar wie weet staat hij al ergens te glimmen, wachtend op zijn trotse, nieuwe eigenares: MOI.
‘Mijn’ verkoper is in gesprek maar zijn collega wil wel even mijn nieuwe bolide opzoeken in het systeem. Met een kloppende kies en een bonkend hart, loop ik achter hem aan naar het grote parkeerterrein met rijen nieuwe auto’s, klaar om afgeleverd te worden. En daar staat mijn trots. Blauwgroen parelmoer schitterend in de zon. Onder het woestijnzand en absoluut niet blinkend maar wat ben ik blij om het resultaat van maanden van heel, heel, heel hard werken voor me te zien.
Ik heb de afgelopen tijd bijna dag en nacht gewerkt. Om het verdriet te vergeten dat ik nog steeds bij me draag, maar ook omdat het geweldig leuke projecten waren en ik trots ben om daaraan mee te mogen werken. En dankzij die noeste arbeid kon ik me een nieuw vervoersmiddel veroorloven. Ik ben blij als ik mijn Verso zie en tegelijkertijd verdrietig omdat mijn moeder, die altijd even trots is op wat ik ook aanpak, dit niet meer mee mag maken. Mijn gevoelens zijn dus gemengd en terwijl ik wegloop in de lentezon denk ik aan mijn eerste ritje, dat ik zal opdragen aan haar…
Mariel
Tags: Dag-gedachte