036 546 80 42
info@aceproductions.nl
Stadhuisplein 2
1315 HT Almere
Postbus 10025
1301 AA Almere
Disclaimer
Home


Diversiteit = rijkdom

Kinderen van tegenwoordig groeien op in een samenleving die nog nooit zo divers samengesteld is geweest. Diversiteit is een gegeven, daar kun je zo langzamerhand niet meer omheen. Diversiteit betekent letterlijk: verscheidenheid. Diversiteit strekt zich uit over alle vlakken: afkomst, sekse, handicap, uiterlijk, opleidingsniveau, kleur, seksuele geaardheid…

Diversiteit is heel erg breed. Eigenlijk betekent aandacht voor diversiteit gewoon dat je oog hebt voor de goede kanten van mensen om je heen en dat je je niet laat leiden door verschillen. Vind elkaar in de gemeenschappelijkheden en profiteer van elkaars verschillen.

Respect en waardering
Natuurlijk heeft iedereen zijn eigen kijk op de wereld. Deze wordt gekleurd door je achtergrond, je ervaringen, je opvoeding. Iedereen heeft vooroordelen; vaste opvattingen over bepaalde groepen. Dat kan zijn: vrouwen willen alleen maar in deeltijd werken of mannen zijn alleen bezig met hun carrière. Wil je beter kunnen omgaan met verscheidenheid, dan moet je je eigen vooroordelen eens kritisch onder de loep nemen. Niet aannemen maar vragen. Diversiteit is dus: mensen op een positieve manier benaderen en kijken naar de mogelijkheden in plaats van bij voorbaat uit te gaan van problemen of voorbarige conclusies te trekken. Diversiteit is kracht.

Opvoeden in diversiteit
Kinderen zijn de toekomst. We moeten onze kinderen dan ook leren omgaan met diversiteit.
Volgens het Internationale Verdrag voor de Rechten van het Kind houdt diversiteit het volgende in: ‘diversiteit betekent verschillen tussen mensen op alle mogelijke gebieden. Verschillen in leef- en opvoedingsstijlen, culturele afkomst, wel of geen functiebeperking, religie, milieu en sekse. Het gaat zowel om etnisch-culturele diversiteit als om mannen en vrouwen, verschillen in socio-economische status, inclusief kinderen met een handicap, en alle andere verschillen tussen mensen’. 

We willen ons allemaal gerespecteerd en gewaardeerd voelen. In ons contact met anderen moeten we ons laten leiden door gelijkwaardigheid en respect voor diversiteit.  Dat zou dan ook de basis moeten zijn van de opvoeding die we aan onze kinderen meegeven. Jonge kinderen zien nog helemaal geen verschillen tussen mensen. Voor hen is letterlijk iedereen gelijk. Hoewel kinderen niet met vooroordelen worden geboren en jonge kinderen niet discrimineren, kunnen kinderen tussen de twee en vier jaar wel het (racistisch en/of seksistisch) gedrag en de vooroordelen van hun opvoeders overnemen. Wees dus alert op je eigen vooroordelen en kwetsend gedrag. Voed je kinderen op met respect en waardering voor diversiteit. Ondersteun je kinderen ook bij het ontwikkelen van een positief zelfbeeld en inlevingsvermogen en leer hen om op te komen voor zichzelf en anderen als het gaat om vooroordelen.

Titia (15) ‘Mijn moeder zit in een rolstoel, ik weet niet beter. Vlak na mijn geboorte kreeg ze een auto-ongeluk. Ze heeft zich echter nooit door haar handicap uit het veld laten staan. Ze was een fanatiek hardloopster maar ze heeft een andere sportieve invulling van haar tijd gevonden. Zo doet ze twee keer per week aan rolstoelbasketbal en in het weekend speelt ze vaak een wedstrijd. Ik vind het leuk om naar haar wedstrijden te gaan kijken. Ik ben ook heel erg trots op haar. Mijn moeder heeft zich ook in haar werk nooit laten beperken door haar handicap. Dat is niet vanzelf gegaan. Veel bedrijven vinden het maar een gedoe, een gehandicapte in dienst nemen. Dat snap ik niet goed. Het zijn toch ook gewoon mensen. Mijn moeder is echt niet achterlijk hoor. Ze was PR-manager in een middelgrote onderneming, maar daar wilden ze haar liever niet terug hebben na haar ongeluk. Nu werkt ze al tien jaar voor zichzelf en dat gaat heel erg goed. Veel kan ze telefonisch regelen maar als ze grote evenementen organiseert is ze zelf de hele tijd aanwezig. Ze heeft wel een assistent die haar helpt maar eigenlijk heeft mijn moeder nog nooit ‘nee’ hoeven zeggen tegen een opdracht vanwege haar handicap.’

Jool (70) ‘Ik was de eerste gekleurde vrouw in het kleine Brabantse dorp waar ik met mijn man en zoon kwam wonen. En reken maar dat ik bekijks had. Maar eigenlijk heb ik nooit echt vervelende reacties gekregen. De meeste mensen vonden het gewoon erg interessant. Ik denk dat je ook niet te gevoelig moet zijn. Je moet ervan uitgaan dat mensen het in essentie goed menen. Natuurlijk moest ik ook wel even slikken als mensen mij vroegen hoe het is om in een hutje te wonen en of we warm en koud stromend water hadden. Maar ik denk dan dat mensen het gewoon echt niet weten. Veel onbegrip komt ook voort uit onbekendheid. Dan heb ik liever dat mensen mij ogenschijnlijk domme vragen stellen, dan dat ze zich later leiden door vooroordelen en achter mijn rug maar van alles invullen.
 Tegenwoordig kijkt niemand meer op van een kleurling. Dat maakt het niet altijd gemakkelijker. Ik merk wel dat de samenleving op bepaalde punten harder is geworden. Ik heb mijn kinderen echter altijd opgevoed met de gedachte dat ze trots moeten zijn op hun afkomst en hun cultuur. Natuurlijk wel met respect voor het land waarin ze wonen.  Maar ze zijn niets minder dan wie dan ook. Kwaliteit heeft niets te maken met de kleur van je velletje. Ik geloof ook dat als je de wereld met zelfvertrouwen en respect tegemoet treedt, je ook respect afdwingt. Dat krijg je echt niet zomaar. Als jij je bang opstelt, bij voorbaat al uitgaat van het slechte en dat je toch wel weer gediscrimineerd zult worden, dan roep je dat over je af. Daarmee wil ik niet zeggen dat er geen discriminatie is, of dat gekleurde mensen het zo gemakkelijk hebben, maar je kunt veel goedmaken met je eigen attitude. Ik heb drie kinderen grootgebracht, twee meisjes en een jongen en alle drie hebben ze een universitaire studie gedaan en zijn ze goed terechtgekomen.’
 

Complex
Onze maatschappij is erg complex en heterogeen geworden en is aan voortdurende veranderingen onderhevig. We zullen dan ook steeds weer te maken krijgen met nieuwe en andere ideeën, overtuigingen, levensvormen en gebruiken van mensen. Sommige mensen vinden dit boeiend of exotisch, anderen begrijpen er niets van en weer anderen hebben er direct een oordeel over en verwerpen het.
Steeds opnieuw worden we hierdoor geconfronteerd met onze eigen overtuiging, waarden en normen of gewoonten en moeten we dit “nieuwe” een plaats te geven. Of je het nu wilt of niet, je zult moeten leren omgaan met verschillen en veranderingen, samenleven met anderen en elkaar de hand reiken, zonder je superieur te voelen.

Tineke (13) ‘Ik heb twee moeders. Ik ken mijn vader wel. Het is de ex-man van mijn biologische moeder. Ik zie mijn vader heel vaak. Dat vind ik wel fijn. Mijn biologische moeder is leidster bij een kinderdagverblijf en mijn andere moeder is journalist bij een tijdschrift. Ik ben eigenlijk nooit gepest. Soms kijken kinderen wel vreemd als ze voor het eerst bij mij thuis komen. Dan vertel ik dat ik twee moeders heb en dat mijn vader niet bij ons woont. Maar als ze dat begrijpen, dan vinden ze het niet meer gek. Op het werk van mijn moeders vinden ze het ook alleen maar leuk. Misschien hebben we geluk gehad, ik denk dat het niet overal zo makkelijk  is.’

Actie
Wil je als organisatie of overheidsinstantie herkenbaar zijn en een verbondenheid met de samenleving creëren dan zul je een afspiegeling van deze samenleving moeten zijn. En zo ver zijn we nog lang niet. Natuurlijk, iedereen heeft zijn mond vol van diversiteitbeleid maar in de praktijk  komt daar, alle goede bedoelingen ten spijt, niet altijd evenveel van terecht. Het aantal vrouwen in topfuncties bijvoorbeeld, is verwaarloosbaar klein. Want waarom lukt het een Zweedse topman wel om vier vrouwelijke commissarissen te vinden bij Ahold. In Nederland bekleden vrouwen nog steeds maar vier tot zes procent van de bestuursposities en commissariaten in het bedrijfsleven. Erger nog: In de raden van bestuur van de AEX-bedrijven staan tegenover 106 mannen slechts vier vrouwen. We praten veel maar doen (te) weinig. Bij ruim twintig Australische top tweehonderd bedrijven bestaat de raad van bestuur voor minstens een kwart uit vrouwen. In Amerika wordt diversiteit  gezien als elk ander veranderingsproces. Je moet er volgens Amerikanen geen Human Resources Manager op zetten, maar een Veranderingsmanager zodat veranderingsinstrumenten worden ingezet als commitment voor het topmanagement.

Professor Halleh Ghorashi, bijzonder hoogleraar management van diversiteit en integratie aan de Vrije Universiteit formuleert het heel helder. In een artikel (Intermediair PW, oktober 2007) waarschuwt ze voor kortetermijnoplossingen. ‘Jarenlang werd gedacht dat minderheidsgroepen - vrouwen, migranten, mindervaliden - een probleem hebben. Ze moeten gecompenseerd worden en trainingen krijgen. Vooral in het geval van migranten zie je dat heel sterk. Als je ze maar trainingen en cursussen geeft op het gebied van taal, hun opleiding en de wijze waarop ze in Nederlandse organisaties moeten werken, dan gaat het wel goed. Maar je ziet dat het heel vaak niet goed gaat.’ 

Langetermijndenken is niet alleen mensen binnenhalen maar ook zorgen dat ze niet weggaan. Daartoe moet je jezelf als organisatie afvragen: Wat willen wij met diversiteit en waarom? Uitsluiten en discriminatie, neem je niet zomaar met een enkele training weg. Ghorashi pleit dan ook voor rust. Het hoeft niet allemaal gisteren geregeld zijn. Ze zegt ook: ‘We denken de hele tijd: Hoe moeten we met de verschillen omgaan? Laten we beginnen met de gemeenschappelijkheid.’

Capaciteiten en kwaliteiten
Over twintig jaar is een kwart van de Nederlandse bevolking boven de vijfenzestig jaar. We hebben elk talent dus ook gewoon keihard nodig. We kunnen het ons economisch niet veroorloven om ook maar één groep buiten spel te zetten.
In de huidige tijdgeest moet je iedereen integraal laten meedraaien. Succesvolle ondernemers en werknemers willen op hun kwaliteiten beoordeeld worden en geen uitzonderingspositie innemen. Zaak is wel dat we onze ogen open houden voor die kwaliteiten.

Diversiteit zorgt voor verschillende perspectieven en ideeën. De economie van Nederland kan veel beter groeien als diversiteitbeleid wordt toegepast. Het is een economisch gewin, je krijgt een arsenaal aan nieuwe kennis en nieuwe talenten tot je beschikking als je gebruik maakt van álle talenten, met wat voor achtergrond, van welke sekse, met welke geaardheid en met welke kleur of handicap dan ook…

© Mariël van den Donk