036 546 80 42
info@aceproductions.nl
Stadhuisplein 2
1315 HT Almere
Postbus 10025
1301 AA Almere
Disclaimer
Home


Karien van Gennip, een vrouw met passie

Karien van Gennip, een vrouw met passie
‘Work hard, play hard’

 

Als je Karien van Gennip, onze huidige staatssecretaris van Economische Zaken, moet beschrijven dan vat het woord passie alles samen wat haar tot de boeiende, gedreven persoonlijkheid maakt die ze is. Ze werkt met hart en ziel aan alles wat voor haar belangrijk is. Of dat nu als privé-persoon of als politica is. Zij is het ook die de Adviesraad Nieuw Ondernemerschap in het leven riep, een raad die de drempels voor etnisch ondernemerschap moet verlagen. Een buitengewoon mens die anderen weet te inspireren en bezielen. Een vrouw ook die als motto heeft: ‘work hard, play hard’ en onvermoeibaar doorgaat tot ze heeft bereikt wat ze wíl bereiken.

Struinend op Internet om alvast wat meer te weten te komen over Karien van Gennip stuit ik op een opmerkelijk stukje over haar privé-leven:

 

“uit de privé-sfeer
In de periode februari-mei 2004 met zwangerschaps- en bevallingsverlof. Zij was op zaterdag 13 maart 2004 de eerste bewindsvrouwe in onze staatkundige geschiedenis die in haar zittingsperiode een kind kreeg.”

 

Er zijn in de loop der tijd veel mannen geweest die tijdens hun zittingsperiode een kind kregen maar daar is nimmer op deze manier melding over gemaakt. Als ik Karien van Gennip de vraag stel hoe ze het moederschap combineert met haar drukke baan als politica is dat ook het eerste antwoord dat ik krijg. ‘Waarom wordt deze vraag nooit aan mannelijke politici gesteld? Die krijgen toch ook kinderen? Mijn man heeft nooit te horen gekregen hoe hij zijn werk met zijn gezin combineert terwijl hij juist degene is die de pieken en dalen opvangt thuis.’

 

Maatschappelijk bewogen
Karien van Gennip studeerde Technische Natuurkunde aan de Technische Universiteit Delft. Haar afstudeeropdracht deed zij in dienst van het ministerie van Welzijn, Volksgezondheid en Cultuur en het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieuhygiëne. In 1995 werd zij Master of Business Administration (MBA) aan het European Institute of Business Administration (INSEAD) te Fontainebleau, Frankrijk. In 2002 – 2003 was zij bestuurslid van het CDA Amsterdam. Van Gennip: ‘Ik heb mijn pad naar mijn huidige functie als staatssecretaris nooit echt uitgestippeld. Ik ben wel altijd bezig geweest met maatschappelijke vraagstukken. Als studente hield ik me al bezig met de politiek.
Toen ik in Amerika woonde en werkte viel het me op dat het daar heel gewoon is om een functie in het bedrijfsleven te combineren met openbaar bestuur. In de Verenigde Staten vindt men het heel normaal om je land te dienen en na vier of acht jaar publieke functie weer terug te keren naar het bedrijfsleven. In Nederland zijn dat vaak gescheiden werelden.
Wat je wel merkt tijdens een verblijf in het buitenland is dat je Nederland gaat idealiseren. Bij terugkomst in Nederland merkte ik dat een heleboel zaken me toch tegenvielen. De lange wachttijden bij de gezondheidszorg, het onderwijs, de veiligheid op straat. Op verjaardagen en feestjes waren de discussies niet van de lucht.’

 

Belangrijk telefoontje
Karien van Gennip weet het nog goed. Het was dinsdagavond en ze kwam terug van een feestje. Op haar antwoordapparaat stond een boodschap van Jan Peter Balkenende met het verzoek om zo snel mogelijk terug te bellen. Daar was het op dat moment te laat voor. De volgende dag kreeg ze op haar werk, bijna tegelijkertijd, twee telefoontjes binnen. De eerste was van haar man dat ze met spoed Jan Peter Balkenende moest bellen, de ander was er eentje van de toekomstige premier zelf. Ze zat midden in een drukke baan en moest in twee á drie dagen beslissen. Het schoot door haar hoofd hoeveel zaken er anders moesten in Nederland. Discussiëren op verjaardagen en feestjes is gemakkelijk maar nu werd haar de kans geboden mee te helpen veranderen. Een gedachte waar ze geen weerstand aan kon bieden. Karien van Gennip: ‘Het werkt inspirerend om op je eigen beleidsterrein verschil te maken. Maar ook de discussies met politici van andere portefeuilles zijn erg verhelderend en stimulerend.’

 

Stokpaardje
Een onderwerp waar Karien van Gennip zich erg hard voor maakt is om meer ruimte te creëren voor ondernemers. ‘De waardering moet beter. Nederland is een handels- en ondernemersland bij uitstek. Op de een of andere manier is het beeld dat men heeft bij het ondernemerschap niet zo positief. Dat is niet iets van de laatste tijd. Zo schiet me dat liedje te binnen dat jaren geleden al weergaf hoe we in Nederland over ondernemers denken: ‘Maar liever dat nog dan het bord voor zijn kop van de zakenman, want daar wordt hij alleen maar slechter van.’ (uit: Jimmy van Boudewijn de Groot mvdd). ‘We hebben veel aan ondernemers te danken. Denk maar aan de VOC. En na de Tweede Wereldoorlog zijn het vooral de agrarische en industriële ondernemers geweest die het land hebben helpen opbouwen. Ondernemen schept banen, en dat hebben we hard nodig. Op dit moment zijn we in ons land te veel bezig met het vraagstuk hoe we de taart in de wereld zo gunstig mogelijk kunnen verdelen. Waarom maken we die taart, in het licht van een toenemende globalisering, niet groter?’

 

Succesvol
Op de vraag of Karien van Gennip vindt dat ze veel heeft bereikt tot nu toe krijg ik onmiddellijk als antwoord: ‘Dat is iets wat anderen moeten zeggen over mijn werk. Maar als ik toch wat moet zeggen; sommige trajecten duren lang maar de voldoening is des te groter als je het voor elkaar krijgt. Zo heb ik onlangs de eerste certificaten voor technostarters uitgereikt.’ (nb. Technostarters zijn aspirant ondernemers die een technische innovatie op de markt willen brengen.)
‘Het is een project waar we twee jaar geleden mee zijn begonnen. Investeringen in hoogwaardige technologie. Het is nu succesvol en het ziet ernaar uit dat we er voor volgend jaar nog extra geld bij doen. Ook het traject Nieuw ondernemerschap, waar je vast wat over gaat vragen, komt voort uit een idee voor een project dat anderhalf jaar geleden is ontstaan.’

 

Schwung
Karien van Gennip: ‘Na de moord op van Gogh kwamen er veel discussies op gang over integratie. De negatieve toonzetting stond me erg tegen. Ik denk dat juist etnische ondernemers een positieve rol kunnen spelen in de beeldvorming. En we hebben ze gewoon keihard nodig. Bij etnische groepen is de ondernemingszin groter. Daar moeten we op inhaken. Bovendien zijn ze belangrijk als rolmodel. Je ziet al positieve veranderingen. De Kamers van Koophandel houden zich bezig met de vraag hoe ze meer allochtone ondernemers kunnen binnenhalen. Een paar jaar geleden zou dat niet aan de orde zijn gekomen. Je ziet inderdaad dat etnische ondernemers nog maar mondjesmaat deelnemen aan bijvoorbeeld startersdagen. Ik denk dat de besturen veel diverser moeten. Meer kleur, meer jongeren en meer vrouwen; dat brengt vanzelf meer schwung.’


 
Adviesraad Nieuw Ondernemerschap
Karien van Gennip ging met politici van verschillende ministeries om de tafel zitten om te kijken wat ze konden doen om het etnisch ondernemerschap te stimuleren. Uit onderzoek was gebleken dat er weliswaar meer etnische ondernemers starten maar dat het aantal ondernemers dat failliet gaat onder deze groep ook groter is. Een belangrijke reden hiervoor is dat etnische ondernemers vaak geen nieuw gebied kiezen. Op die manier concurreren ze elkaar uit de markt. Dat is typisch een tendens in de detailhandel. Als iemand succesvol is, dan volgen meer vergelijkbare zaken, vaak ook nog in de zelfde buurt.

 


Van Gennip: ‘Het is zaak om met ondernemers uit de praktijk te praten en te luisteren naar wat ze te vertellen hebben, waar de knelpunten liggen. In de Adviesraad zitten verschillende mensen die ik op bepaalde momenten ben tegengekomen tijdens mijn handelsmissies en werkbezoeken in binnen- en buitenland. In de eerste plaats zijn dat ondernemers zelf maar er zitten bijvoorbeeld ook wethouders in de raad, enkele leden van de Stichting Zwarte Zakenvrouwen en mensen uit de bankwereld. Ondervinden etnische ondernemers meer problemen? Het antwoord is ja. Natuurlijk moeten aspirant ondernemers zichzelf ook goed voorbereiden en zorgen voor een goed ondernemingsplan. Een moeilijk punt is vaak de financiering. Vandaar dat we ook banken hebben betrokken in de discussie. Een product als het microkrediet is bijvoorbeeld al een stap in de goede richting. Tegenover elk knelpunt zetten we een actie. Netwerken, ook een belangrijk punt. Dat is iets wat van beide kanten moet komen. Hoe zorg je ervoor dat je goede rolmodellen op de kaart zet zodat iemand daar een voorbeeld aan kan nemen en denkt, dat kan/wil ik ook!’

 

In de eerste plaats ondernemer
Maar willen etnische ondernemers niet vooral worden aangesproken op hun ondernemerschap en niet zozeer op hun etniciteit? Van Gennip: ‘Dat is natuurlijk ook zo. De ondernemers die ik spreek zeggen ook allemaal dat ze in de eerste plaats ondernemer zijn. Zeker als ze succesvol zijn willen ze soms liever niet terugdenken aan alle obstakels die ze hebben moeten overwinnen. Dat neemt niet weg dat anderen wel van ze kunnen leren.’
Wat vindt Karien van Gennip van de vaakgehoorde stelling dat veel allochtonen kiezen voor het ondernemerschap omdat het voor hen de enige kans is om een goede boterham te verdienen. Allochtone medewerkers worden vaak ondergewaardeerd en moeten zich altijd dubbel bewijzen.
Van Gennip: ‘Als het een positieve keus is geweest, juich ik het alleen maar toe. Zeker als je de drijfveer hebt om iets van je idee te maken. Maar je moet geen ondernemer worden uit negatieve overwegingen. Het zelfde kun je overigens zeggen over vrouwen. Als ik me iets had aangetrokken van wat er wordt gezegd over de promotiekansen voor vrouwen, dan zou ik niet zo ver zijn gekomen.
Ik vind het verder belangrijk dat we bij het inburgeringtraject veel explicieter kijken of iemand een ondernemersachtergrond had in het land van herkomst. Deze mensen moet je niet zomaar naar een baan in loondienst sturen. Dat zelfde geldt voor mensen die in de bijstand zitten. We moeten het ondernemerschap veel meer zien als alternatief voor een baan in loondienst. Ondernemingszin moet je stimuleren, niet onderdrukken.’

 

Persoonlijk raken
Raken bepaalde zaken Karien van Gennip ook persoonlijk of kan ze dat scheiden?
‘In het begin raakt alles je heel persoonlijk. Later leer je daar beter mee omgaan. Aan de andere kant moet je je zaken natuurlijk wel aantrekken, moet je betrokken zijn, anders ben je geen goede politicus. Maar sommige dingen doen me wel wat ja. Bijvoorbeeld als familieleden van mij met een kleurtje mij vertellen dat hen de toegang geweigerd wordt bij een Grand Café. Of als een ondernemer mij zegt dat hij voor de derde keer is overvallen in korte tijd en dat zijn vrouw er letterlijk ziek van wordt. Als je hoort dat een ondernemer de handdoek in de ring gooit omdat hij voor de zoveelste keer tegen de zelfde obstakels en regelgeving oploopt.’

 

Privé-leven
Het is voor een politicus soms moeilijk om privé en zakelijk te scheiden. Kan de staatssecretaris haar werk loslaten als ze bijvoorbeeld op vakantie is?
Karien van Gennip: ‘Ik ben gepassioneerd door het werk dat ik doe maar ik houd ook van ontspanning. Dat neemt niet weg dat je ook een mening hebt over dingen. Als je zoveel uur op een dag bezig bent met je werk dan ontkom je er niet aan dat je werk “meeneemt” in je privé-leven. Al probeer ik in mijn werk overigens wel een deel van mijn privé-leven af te schermen. Natuurlijk hangt er een prijskaartje aan voor mijn persoonlijke leven. Naast mijn werk wil ik in de eerste plaats tijd doorbrengen met mijn dochtertje. Al het andere komt op het volgend plan. Dan moet je wel eens een verjaardag laten schieten. Tijd voor hobby’s heb ik niet. En wat boeken lezen betreft, voor mij is dat Nijntje op dit moment. Als ik op vakantie ben, kan ik mijn werk meestal wel loslaten. Al moet ik eerlijk toegeven dat ik toen ik afgelopen zomer in Italië was wel móest reageren toen ik een stuk in de krant las over de Chinese textiel. Dat kan ik niet naast me neerleggen. Je weet dan gewoon dat je weer aan de bak moet.
Verder heb ik het sporten écht nodig. Op dit moment gaat het moeilijk met mijn dikke buik maar normaal gesproken kan ik alles kwijt in het hardlopen. Dat is mijn uitlaatklep.’

 

Ambities en idealen
Wat wil de staatssecretaris hebben bereikt aan het eind van de kabinetsperiode? Van Gennip: ‘Mijn doelstelling aan het eind van deze vier jaar is dat ondernemers zeggen: ‘In Den Haag wordt er weer naar ons geluisterd.’ Wat speelt er in ondernemingsland? Ik wil er graag voor ze zijn. Van de kleine zelfstandige tot de grote multinational. Wat drijft mensen? Hoe word je het oog en oor voor ondernemers zodat er een boeiende dialoog ontstaat. Er is veel te veel regelgeving en het wordt tijd dat we dat inzichtelijker maken. Daar blijf ik me voor inzetten.’

 

©Mariël van den Donk